In en Aan de Zorg

Explosieve groei externe inhuur VWS: Chique, piek of ziek?

Deze week verscheen in Binnenlands Bestuur het artikel ‘Utrecht aanvoerder externe inhuur’. In de provincie Utrecht piekt de externe inhuur op 23% van de totale loonsom in 2023, waarmee het de koploper is onder alle provincies en een stijging laat zien ten opzichte van 2022. Dit hoge percentage leidde tot kritiek van de Provinciale Staten, die meer grip op de personeelskosten eisten, resulterend in een nieuw inhuurkader sinds juni.

Volgens dit kader mogen externen alleen worden ingezet in ‘chique, piek of ziek’-situaties: voor specialistische kennis op tijdelijke basis, extra capaciteit tijdens drukke periodes of vervanging bij ziekte. ‘Chique’ betekent dat er tijdelijk, vaak specialistische kennis nodig is die intern niet voorhanden is. ‘Piek’ heeft betrekking op het inhuren van tijdelijke extra capaciteit in drukke periodes en ‘ziek’ verwijst naar het inhuren van tijdelijk personeel als vervanging van zieke werknemers in vaste dienst.

De norm voor externe inhuur bij de Rijksoverheid

De norm voor externe inhuur bij de Rijksoverheid is maximaal 10% van de totale personeelsuitgaven, ook wel bekend als de Roemernorm. Deze norm is vastgelegd in de motie van het Kamerlid Roemer uit 2010, die de regering verzoekt om een afdwingbare limiet op te leggen aan de uitgaven voor externe inhuur.

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS)

Hoe zat het met de externe inhuur van het ministerie van VWS in de afgelopen jaren? Natuurlijk moeten we daarbij rekening houden met ‘chique’ en ‘piek’ gezien de coronacrisis (januari 2020-mei 2022), wat relevant is voor het lezen van de volgende informatie. De bedragen komen uit de diverse begrotingen van het ministerie van VWS en ik beperk me hier tot het ministerie van VWS zelf.

Groei

De afgelopen jaren is er sprake van een opvallend sterke groei in de personeelskosten bij het ministerie van VWS (eigen personeel en externe inhuur). Alle bedragen x € 1000.

Explosieve stijging externe inhuur

De begrote kostenpost externe inhuur is explosief toegenomen in de periode 2019-2026. Waar in 2019 nog 8.751 werd besteed aan externe inhuur, schiet dit bedrag in de daaropvolgende jaren door naar 11.738 (2021), 42.638 (2022), 66.562 (2023), 87.214 (2025) en 68.539 (2026). Een vertienvoudiging in slechts zeven jaar tijd.

Groei eigen personeel, maar minder extreem

De loonkosten voor eigen personeel blijven eveneens stijgen — van 136.746 (2019) naar 201.893 (2022) en door naar ruim 269.612 (2026) — maar deze groei valt in het niet bij de enorme explosie bij de externe inhuur.

De Roemernorm in de praktijk

In een tabel geef ik hierbij de percentages voor het ministerie van VWS, welke tot en met 2021 (volgens de begroting) keurig binnen de norm blijven. Vanaf 2022 volgt de explosie, met vooralsnog in 2025 een piek van 34,2%.

Opvallend

Het voordeel van het excel-bestand van de apparaatskosten (VWS, inspecties, raden, agentschappen, ZBO’s en RWT’s) dat ik nu heb, is dat ik het patroon heel helder zie.

Het is opvallend dat het patroon in de begrotingen vrijwel niet opvalt. Vaak kijken we binnen een begroting (bijvoorbeeld 2022) naar de kostenpost externe inhuur 2022 (€ 42,6 miljoen) t.o.v. 2021 (€ 90 miljoen). ‘Prima, die gaan dalen’ is dan vaak de conclusie.

Maar kijken we dan naar de begroting van 2023, dan zien we voor dezelfde post in 2022 opeens het bedrag van € 110 miljoen staan. Voor 2023 staat vervolgens € 107 miljoen begroot. ‘Prima, die gaan dalen’, is dan vaak de conclusie.

Zo worden de begrotingen op korte termijn wel heel gemakkelijk op te stellen en heel moeilijk om op langere termijn te lezen.

Conclusie

In vergelijking met het ministerie van VWS valt het percentage externe inhuur van 23% in de provincie Utrecht erg mee.

De ontwikkeling van de personeelskosten wijst op een STRUCTUREEL probleem in het beheersen van de uitgaven. Bij een gemiddelde groei van de zorgkosten van rond de 4-6% is een stijging van de extern inhuur van € 8,7 miljoen naar € 87 miljoen opvallend. De situatie bij het miniserie van VWS is dan ook zeer zorgelijk. Niet alleen het schijnbare onvermogen om de eigen kosten te beheersen roept vragen op. Het is ook de vraag of het minister zich niet te afhankelijk opstelt van externe partijen en welke invloed deze hebben op het landelijke zorgbeleid.

Tot slot is het de vraag waarom er door VWS eigenlijk zoveel advies wordt ingewonnen buiten de gebruikelijke gesubsidieerde advies- en kennisorganen om.

DISCLAIMER Alle informatie en/of artikelen mogen  alleen gedeeld worden met bronvermelding. Verwijzing naar dit kennisplatform en auteur Marjet Veldhuis.

De artikelen lezen op deze website is gratis. Wil jij mij vrijwillig steunen met een kleine donatie voor het bouwen, hosten en onderhouden van deze website én de tijd die ik hier aan spendeer? Dan ben ik daar erg blij mee!